De bijbel is voor het christendom het belangrijkste boek. In feite zelfs het enige boek. Dit in tegenstelling tot veel andere religiën, die vaak meerdere geschriften hebben, waar de fundamenten van de leer in terug zijn te vinden.
In dit artikel wil ik geen technische omschrijving geven van de bijbel. Die zijn er al genoeg.Ook wil ik geen poging doen om de onfeilbaarheid van de bijbel aan te tonen. Dat soort uiteenzettingen leidt tot niets, dan hete hoofden en koude harten.
Waar het mij om gaat is nieuwsgierigheid. Als ik met dit artikel voor elkaar kan krijgen, dat meer mensen in de bijbel gaan lezen, dan van een afstand over te discussiëren, dan ben ik zeer tevreden.
God is zeer wel in staat om door de woorden van de bijbel heen, tot het hart van de lezer door te dringen. Dat laat ik dus graag aan Hem over.
Twee delen
De bijbel valt in feite in twee delen uiteen. We spreken over een oud testament en over een nieuw testament. Het oude testament beslaat de geschiedenis van de mensheid vanaf het ontstaan van de wereld tot aan een paar honderd jaar voor de geboorte van Jezus Christus. Het nieuwe testament begint bij de geboorte van Jezus en eindigt ongeveer 100 jaar na diens geboorte.
De scope, dat wil zeggen: het blikveld, van de bijbel is variabel. Het begint bij het ontstaan van hemel en aarde. Dus breder kan niet. Daarna concentreert de bijbel zich op een klein groepje mensen. Uit dat groepje ontstaat een volk. Het oude testament behandelt in feite de geschiedenis van dat volk: Israël. Die geschiedenis stopt dan ongeveer 400 jaar voor de geboorte van Jezus.
Daarna concentreert de bijbel zich op één mens: Jezus Christus, en verhaalt vervolgens wat er met Hem gebeurt. Nadat de geschiedenis van Jezus is verteld, wordt vervolgens verhaald hoe het met zijn volgelingen verder gaat. Dan zijn we ongeveer terecht gekomen in het jaar 60 na de geboorte van Jezus.
De rest van de bijbel bevat dan nog een aantal brieven van diverse apostelen en andere volgelingen van Jezus, die zij hebben geschreven aan verschillende kerken en privé personen. Het nieuwe testament sluit dan af met een geschrift, dat een blik geeft in de toekomst: Openbaring.
De eerste bladzijde
Het oude testament bestaat uit geschriften, die zijn ontstaan tijdens de geschiedenis van Israël. Als je dan ook begint met lezen in het oude testament, doe je dat in het boek genesis. Je ontdekt dan dat de verhalen getuigend zijn. Dat wil zeggen, de geschiedenis die verteld wordt heeft een doel. Het schept verwachting. Het is geen eindeloos epos, waarin de richting van het verhaal aan de fantasie van de schrijver wordt overgelaten.
Toch zal het niet meevallen om te starten in genesis. Je wordt immers als het ware meegenomen op reis naar het punt waar we al voorbij zijn. Dat is het nadeel voor de mens die anno 2010 probeert om het verhaal van ca. 10.000 jaar geleden op te pikken. Er valt nogal veel uit te leggen. Beter is het om eerst iets te zeggen over de reden om de bijbel te gaan lezen.
Gods woord in het oude testament
Allereerst is er natuurlijk de vraag naar de autoriteit van de bijbel. Daarmee hangt samen wat de bijbel nu eigenlijk wil vertellen. Voor de Moslim is het duidelijk dat de Koran onbetwistbare autoriteit bezit. Volgens de moslim zijn de woorden in de Koran rechtstreeks door Allah aan Mohammed gedicteerd. Mohammed zelf kon niet eens lezen en schrijven. Daar ontleent de Koran zijn status aan.
Een dergelijke status bezit de bijbel niet. In tegenstelling tot wat sommige christenen wel denken, is de bijbel niet Gods Woord. Als je spreekt over Gods Woord, of het Woord van God, dan heb je het over Jezus. Hij is het vleesgeworden Woord van God. Ook de bijbel zelf geeft dit getuigenis:
Hebreeën 1:1 Nadat God eertijds vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had in de profeten, heeft Hij nu in het laatst der dagen tot ons gesproken in de Zoon,
God heeft dus in het verleden in de profeten gesproken. Op het laatst deed Hij dat echter via de Zoon. Het is belangrijk om te beseffen, dat God geest is. Zijn spreken is dus te vergelijken met inspiratie. Inspiratie heeft te maken met het opwekken van gedrevenheid. Als God spreekt tot de geest van de mens, raakt deze geïnspireerd en wordt de mens in beweging gebracht. Dat is de manier waarop God spreekt. Als dan vervolgens de profeet (de mens, die door God geïnspireerde woorden spreekt) zijn mond open doet, spreekt deze gedachten van God uit. Omdat het echter inspiratie betreft, is de inhoud van God, maar de verpakking van de mens. Deze vertaalt als het ware de gedachten van God, in woorden die hij zelf en degenen die naar hem luisteren (eventueel via het papier), begrijpen kunnen.
Jezus: de laatste en grootste profeet
Jezus Christus vertolkte dus als laatste profeet, het woord van God. Johannes geeft in het begin van zijn evangelie aan, dat Jezus het woord van God volledig realiseerde. In Jezus kwamen de gedachten van God in volheid uit de verf: Hij sprak niet alleen de woorden van God; Hij belichaamde ze. Met andere woorden: Jezus gaf met zijn hele zijn, gestalte aan de diepste gedachten van God. Vandaar dat de bijbel later getuigt, dat Hij (God) op het laatst IN de Zoon tot ons gesproken heeft.
De bijbel bevat dus wel de woorden van God, in zoverre het hier dan gaat om mensen, die op hun manier gestalte gaven aan de inspiratie van God. Zij verheerlijkten God en gaven Hem eer, door hun vertrouwen op Hem te stellen. Die getuigenissen vinden we voortdurend terug. En al die geloofsgetuigen (want dat waren het), waren er van overtuigd, dat God hun niet in de steek zou laten en dat Hij een Waarmaker van Zijn woord zou blijken te zijn. In een ander artikel zal ik laten zien, dat zij allemaal de realisatie van het ware en volmaakte Woord van God verwachtten. Het werd hun stuk voor stuk duidelijk, dat uiteindelijk Jezus als Christus (Gezalfde) de volmaakte weergave van Gods woord zou zijn.
Gods woord in het nieuwe testament
De bijbel is, tenminste als je spreekt over het oude testament, een gewoon boek met geschiedenis en getuigenissen van gelovigen. Voor ons, heidenen, heeft het oude testament dan ook alleen betekenis, als je het vanuit het nieuwe testament benadert.
Het heeft dus geen zin om als eerste de geschriften te bestuderen die verhalen over het ontstaan van het volk Israël en alles wat daar betrekking op heeft. De heidenen (en dat zijn we waarschijnlijk allemaal) zijn er bewust buiten gehouden. God heeft er voor gekozen om Zijn weg met een klein volk te vervolgen. Hij zet om dat volk als het ware een paar kaders en begeleidt hen naar de volheid van de tijd. De volheid van de tijd is het moment, dat Jezus zich als Zoon van God openbaart.
Het nieuwe testament daarentegen verhaalt de geschiedenis van Jezus. In Hem heeft God besloten om heel de wereld aan te spreken. Hier gaat het dus niet alleen om de joden, Israël, maar ook om de rest, de heidenen. Paulus, een van de schrijvers van het nieuwe testament, reikt vervolgens helemaal terug naar Abraham en proclameert, dat God ook in het oude testament al iedereen, jood en heiden, op het oog had. Maar ook dat God dat plan wilde realiseren via Israël, waar hij kaders (van de wet) omheen zette, totdat Hij aan de realisatie van Zijn plan toe zou komen.
Het nieuwe testament vertelt als eerste van Jezus. Maar het licht ook toe, waarom dit het geval is. In een aantal boeiende brieven, geschreven aan diverse gemeenten (kerken) in zijn dagen, zet Paulus uiteen hoe en om welke reden het allemaal zo heeft moeten gebeuren. Paulus zelf was een jood, die volledig op de hoogte was van alle religieuze zaken waar een jood maar mee te maken kon krijgen. Hij had zijn opleidingen gehad aan de beste scholen en was cum laude afgestudeerd.
Het is dus opvallend, dat juist hij door God wordt uitverkoren om aan de heidenen te verkondigen, dat zij deel uit mogen maken van het ware volk van God; zij die geloven in de Naam van Christus Jezus. Minstens zo opvallend is het dat Petrus, een ongeletterde joodse visser, degene is die het evangelie van Christus Jezus aan de Israëlieten mag verkondigen. Hierin ligt een diepere zin. Misschien dat ik dat later nog zal toelichten.
Voor de gemeente
Hoe dan ook, nadat we in de evangeliën op verschillende manieren van het leven van Jezus kennis hebben genomen, vertelt het boek handelingen de geschiedenis van de eerste gemeente. Het woord gemeente komt van gemeenschap, vergadering. Kerk is afgeleid van het Griekse woord ecclesia, wat een groep “er uit geroepenen” betekent. Het idee hierachter is, dat de gemeente bestaat uit een groep mensen, die “uit” de wereld geroepen zijn en als zodanig ook bijeenkomen, vergaderen.
Als we spreken over gemeente, dan refereren we aan alle mensen die geloven in de Naam van Jezus Christus en die dat geloof, op een of andere manier, gemeenschappelijk beleven en uitdragen. Met kerk bedoelen we over het algemeen een denominatie of een door mensen ingericht vergaderverband. Over het algemeen wordt er van uitgegaan, dat de gemeente zich binnen de kerk bevindt. Omgekeerd is dit niet het geval, alhoewel vele gelovigen dit niet met ons eens is. Later als we het gaan hebben over de kinderdoop in relatie tot de doop van volwassenen, komen we hier op terug.
Zoals gezegd, gaat het boek handelingen over de eerste gemeente. In feite is dit geschiedenis. Het begint bij twaalf volgelingen (discipelen) van Jezus. Zij hebben minimaal drie jaar met Jezus doorgebracht en hebben het eerste onderwijs rechtstreeks van Hem ontvangen. De gemeente ter plaatse groeit en binnen niet al te lange tijd zijn er vele duizenden leden.
Dan is het de beurt aan de heidenen om zich in te voegen. Hieruit blijkt, dat het nieuwe testament een veel grotere reikwijdte krijgt, dan het oude testament had. Nu zijn niet alleen de joden uitgenodigd om plaats te nemen aan de tafel die door Jezus Christus is gedekt, maar ook de heidenen zijn welkom.
De heiden is echter niet onderwezen in de oude geschriften, die verzameld zijn in het het verzameld werk, dat Het Oude Testament heet. Nu komt met name de kennis en het inzicht van Paulus van pas. Hij schrijft in een aantal brieven aan plaatselijke heidengemeenten (waar tevens joden deel van uitmaken!) over de boodschap van het Koninkrijk der Hemelen, waarbij hij op allerlei manieren de link legt naar het oude testament. Op deze manier worden de heiden-christenen onderwezen in die zaken die voor een juist verstaan van de hele Schrift (de complete bijbelse boodschap) van belang zijn. De brieven die Paulus aan de plaatselijke gemeenten van zijn tijd, heeft geschreven, zijn opgenomen in het nieuwe testament achter het boek Handelingen (der apostelen).
Naast de brieven van Paulus, zijn er nog wat brieven van enkele discipelen, waaronder het over de toekomst van de gemeente handelende Openbaring, dat is geschreven door de discipel Johannes. Hij is ook verantwoordelijk voor het evangelie dat zijn naam draagt.
Waar starten met lezen?
Nieuwe gelovigen wordt aangeraden om met het lezen van de bijbel te beginnen in het nieuwe testament. Je kunt dan nog twijfelen of je dan als eerste de brieven van Paulus neemt of de evangeliën. Persoonlijk raad ik nieuwe gelovigen aan om te beginnen in het evangelie naar Lukas. Dit evangelie is geschreven door een heiden voor een heiden. Lukas is een geleerd man (hij is arts), hij onderbouwt veelvuldig en volgt nauwgezet wat hem door ooggetuigen wordt verhaald.
Daarna is de stap naar de handelingen voor de hand liggend. De handelingen der apostelen is ook door Lukas geschreven. Zoals gezegd maken we in de handelingen kennis met Paulus, dus kunnen we daarna starten met de brieven die hij heeft geschreven. Als ik dan een volgorde mag adviseren, zou ik de brief aan de Romeinen en de Hebreeënbrief tot het laatst bewaren. In deze brieven (waarbij het de vraag is of de laatste door Paulus is geschreven) wordt zeer diep ingegaan op de achtergronden van het nieuw testamentische getuigenis in het oude testament.
Waarom de bijbel?
In het begin van dit artikel heb ik aangegeven, dat de bijbel bestaat uit getuigenissen, geschiedenis en, met name in het nieuwe testament, leerstellige brieven. Ook heb ik aangegeven, dat de bijbel niet het woord van God is, maar woorden van God bevat. Die woorden zijn opgeschreven, nadat ze eerst zijn gesproken. Dit laatste geldt natuurlijk niet voor de brieven van de apostelen in het nieuwe testament, maar ook niet voor enkele “woorden” die de oud-testamentische profeten op schrift hebben gezet.
Maar als de bijbel als zodanig niet het Woord van God is, hoe kunnen we dan zeker zijn van het waarheidsgehalte van de Schrift.
Je zou dus in feite twee vragen kunnen stellen:
- Hoe weten we wat waar is in de bijbel?
- Is de bijbel het enige boek, dat “woorden” van God bevat?
Hoe weten we wat waar is in de bijbel?
De bijbel wordt ook wel de Heilige Schrift genoemd. Heilig betekent afgezonderd. Daarnaast wordt heilig alleen gebruikt in een religieuze context. Als we zeggen dat de bijbel heilig is, dan hebben we het over de inhoud en niet over de manier waarop die inhoud wordt gepresenteerd. Je zou kunnen zeggen, dat God voor de inhoud heeft gezorgd en dat de schrijvers aan de inhoud een klank hebben gegeven door woorden te gebruiken, die gewoon in het dagelijks leven passen.
Op zich is dat maar goed ook, want nu kunnen we de bijbel vertalen in elke taal die we maar willen. Ook is het nu mogelijk om de bijbel op elk moment actueel te laten zijn. De wijze waarop we een bepaalde tekst vertalen, is minder van belang, mits we de strekking van de tekst maar in orde laten.
Kort door de bocht gezegd, wordt het lezen en verstaan van de bijbel dus een kwestie van interpretatie. Dat dit inderdaad zo werkt, zien we in de diverse commentaren die door de grote hervormers zijn geschreven. En soms lijkt het wel alsof de protestanten een andere bijbel hebben dan de roomsen.
Ondanks de verschillen is men het op hoofdlijnen echter wel eens. Toch is de kritiek, dat iedereen zijn eigen lessen uit de bijbel haalt niet helemaal onterecht. Dus hoe los je dit nu op?
Zoals gezegd is God verantwoordelijk voor de inspiratie van de bijbel. Voor een goed verstaan van de bijbel is een sleutel nodig. Die sleutel is dat voor het schrijven EN voor het begrijpen, dezelfde inspiratie nodig is. Met andere woorden: God zelf zorgt er voor, dat de bijbel op de juiste manier wordt verstaan. Ondanks verschillen in taalgebruik, tijd en karakter van de schrijver en/of de lezer, zorgt God er zelf voor dat Zijn boodschap over komt. Het komt er dus niet op aan welke bijbel je leest, maar dat je leest.
De mens kan hier dus in feite niets aan doen of toevoegen. Toch is het resultaat van dat lezen van de bijbel vaak, dat men elkaar bijna de hersens inslaat om een verschil van begrip. Dus hoe zit het dan met die inspiratie?
De bijbel is voor iedereen beschikbaar. Als er tenminste geen externe oorzaken zijn, die jouw het lezen in een bijbel belemmeren. God heeft echter een kleine, maar essentiële voorwaarde in het leven geroepen: je moet je aan Hem willen onderwerpen. De Schrift zegt: “wie tot God nadert, moet geloven dat Hij bestaat en een beloner is voor wie Hem ernstig zoeken”. Dat is de enige voorwaarde voor het goed verstaan van de Heilige Schrift. Overigens geldt dit voor alle contact met God.
De sleutel tot het juiste verstaan van de tekst hierboven vind je in het laatste gedeelte: “wie Hem ernstig zoeken”. “Wie” geeft aan, dat er geen onderscheid is tussen de ene — en de andere: het geldt voor iedereen. “Hem” geeft aan, dat het om God gaat en niet om jezelf. Dit is essentieel. Velen zijn op zoek, er zijn er echter maar weinigen, die op zoek zijn naar God. De meeste mensen zoeken vervulling van hun eigen leven. Dat zijn de overwegers. Zij vragen zich voortdurend af: “Wat levert het mij op?” of (de negatieve variant) “Wat kost het mij?”. “Ernstig zoeken” wil zeggen: met heel je hart en zonder voorbehoud. Wat het je ook kost; je wilt nu niet meer marchanderen of onderhandelen. Nu mag God het zeggen. Zonder een nederige en afhankelijke houding heeft het geen zin om op zoek te gaan naar God.
Is de bijbel het enige boek, dat “woorden” van God bevat?
Hier kunnen we kort over zijn: Ja. Alle andere boeken die je leest zijn op de een of andere manier uit de bijbel herleid. Of liever gezegd: zijn er minimaal niet mee in tegenspraak. Hiermee is in feite gezegd, dat de Heilige Schrift in meningsverschillen het laatste woord heeft.
Het punt is namelijk, en dat is de verdienste van de inspiratie van God, dat de Schrift uniform is. Soms lijkt het ene bijbelgedeelte tegenover het andere te staan, maar dat is schijn. De oorzaak is ons gebrekkige verstaan van de bijbel. Onze gedachten zijn zodanig door de zonde vervuild geraakt, dat we alleen met de hulp van God (lees: de Heilige Geest) tot een juist verstaan van de Schrift kunnen komen.
Voor ons, gelovigen na de komst van Jezus Christus, is het eigenlijk heel simpel. Voor ons geldt maar één statement en dat is: geloven in de naam van de Zoon van God, Jezus Christus. In een ander artikel (Wegen en kruispunten) geef ik aan, dat de naam van Jezus alles te maken heeft met Zijn identiteit en autoriteit. Die naam is Hem door God de Vader gegeven. Het is een naam die groter, hoger, belangrijker, enz. is, dan welke naam (of autoriteit) dan ook. En dat geldt in verleden, heden en in toekomst. Met andere woorden: niemand kan aan Jezus voorbij. Iedereen legt op een bepaald moment verantwoording af voor zijn houding ten opzichte van Jezus. Zo heeft God dat bedacht.
Dit is de boodschap van de bijbel. Elke regel, elk woord, elke gedachte loopt uiteindelijk uit op het erkennen van de naam van Jezus. Om deze reden hebben discussies over allerlei rand-issues en dat zijn alle andere onderwerpen in de schrift geen nut. Of liever: hebben alleen zin als de uitkomst uiteindelijk de autoriteit van de Zoon van God onderstrepen.
Christenen zullen elkaar dan ook niet verketteren omdat ze over een rand-gegeven een meningsverschil hebben. Paulus geeft ergens aan, dat “wat we hebben ontdekt; in dat spoor verder”. Met andere woorden: we zijn er nog niet en ons begrip is nog ten dele, maar de Geest van God zal het ons bij gelegenheid wel duidelijk maken. Op dit moment zie ik, zegt Paulus, maar één ding, en dat is Jezus en Die gekruisigd.
Mensen die de waarde van het geschreven woord, de bijbel, niet erkennen, hebben in onze discussie geen recht van spreken. Het zij dan dat ze ons een juist zicht op de grondteksten kunnen geven, want die kennis ontbreekt de meesten van ons. Maar als het gaat om wat de Schrift inhoudelijk wil zeggen, helpt zelfs een volmaakt kennen van de grondtekst niet, als er geen bereidheid is om de woorden in de bijbel werkelijk en volledig te accepteren voor het verstaan van haar boodschap. Ook hier hoort weer die verootmoediging (ander woord voor onderwerping vanuit een nederige hartsgesteldheid).
Conclusie
De bijbel is een boeiend boek. Het is in feite ook een eenvoudig boek. Vooral als je leest in een voor jou verstaanbare taal. Ik bedoel daarmee, dat je de boodschap leest op je eigen niveau en in de woorden en taal, die je het beste beheerst: je moedertaal.
Beginnen doe je in die gedeelten die speciaal voor jou zijn geschreven. Over het algemeen zijn dat de evangeliën en de handelingen der apostelen. Het smaakt dan al snel naar meer en met dat meerdere staat de bijbel vol.
