Waarom zou je christen worden? (3)
Meerdere redenen
Er zijn altijd twee kanten aan een medaille. Zoals een bekende Nederlander zou zeggen “elk voordeel, heb z’n nadeel”. Dat betekent dat als er een reden is om iets te doen, er ook een reden is om het juist niet te doen. Daarom verzinken veel mensen in een soort twijfel-toestand als ze een keuze moeten maken.
Men tracht dan de voors en tegens tegen elkaar af te wegen om zodoende tot een goede keuze te kunnen komen. Soms is het echter zo, dat er niet direct grote voordelen te zien zijn en je als het ware een gok moet nemen. Ook kan het zijn, dat je nog niet voldoende inzicht hebt in de opties, zodat er een patstelling ontstaat. Dan gebeurt er niets en blijft de toestand of situatie zoals die is.
Verschillende soorten
Je zou natuurlijk in een christelijke omgeving kunnen opgroeien. Het christelijk geloof wordt je dan in meer of mindere mate met de paplepel ingegeven. Je hebt dan wel kennis, maar je bent niet per definitie een christen. We weten dat een christen een bijzonder soort volgeling van Jezus is.
Kennis van alles dat met het christelijk geloof te maken heeft, maakt nog niet dat je zo’n bijzondere volgeling van Jezus bent. Er zijn hele volksstammen die de bijbel als het ware van binnen en van buiten kennen, maar niets met Jezus te maken willen hebben. Zij zijn helemaal geen christen; laat staan dat ze een volgeling van Jezus zijn.
Dan heb je die van het verstandshuwelijk. Zij leven als het ware net zoals Jezus leefde. Zij onderzoeken zijn inzichten en proberen die toe te passen in hun eigen bestaan. Voor hen is Jezus inderdaad de meester en zij de discipelen. Maar zij zullen ook hun eigen weg weer gaan, als er in de leerstellingen van Jezus iets opduikt, waar ze niets mee kunnen. Met andere woorden: dit zijn de onveranderlijken, de vleselijken. Het lijkt wel goed, maar het is het in feite niet. Van buiten ziet het er goed uit, maar van binnen is alles onveranderd.
De werken der ongerechtigheid zijn alle handelingen die niet uit geloof, maar in eigen kracht zijn verricht. En hier zit ‘m nu net de kneep. Het probleem van de mens in het algemeen is dat hij voor zichzelf moet (maar ook wil) zorgen. In feite is dit de vrucht van de erfzonde. Men denkt bij de erfzonde vaak aan iets dat “ons” is overkomen. Het was niet onze schuld, dat Adam en Eva de fout in gingen. Laat staan dat het redelijk is, dat we de vruchten daarvan plukken.
Nu is de bijbel daar zeer duidelijk in. Een kind, en dat zijn we allemaal, zal niet de gevolgen dragen van de zonde van de vader. Met andere woorden: wij als mensheid zullen niet boeten voor de misstap van Adam.
Het gaat hier echter niet om een misstap. En zeker niet om een actie waar straf op staat. Tenminste niet in de juridische zin van het woord. Omdat dit door de meeste mensen niet wordt gezien, wordt de discussie ook altijd zo zwaar. Hetgeen wat Adam deed, was inhoudelijk niet verkeerd. In feite kregen Adam en Eva de keuze: wil ik mezelf aan God toevertrouwen of wil ik het zelf uitzoeken.
Laten we ook duidelijk zijn: God heeft de mens geschapen om afhankelijk van Hem te zijn. Dat heeft God zo bepaald. Hij wilde de mens echter in de gelegenheid stellen om voor die afhankelijkheid te kiezen. Was het antwoord ja, dan zou voor de mens ook alles dat bij die afhankelijkheid hoort, in de schoot geworpen krijgen. Was het antwoord nee, nu dan even goede vrienden, maar dan zou de mens niets van wat bij die afhankelijkheid hoorde, in bezit krijgen.
In feite is dit het oordeel, dat over de mens werd uitgesproken. Afhankelijkheid betekent leven in overvloed. Onafhankelijkheid betekent de dood. En dat laatste niet in overvloed, want overvloed houdt groei en ontwikkeling in en dat is er natuurlijk niet wanneer de dood aanwezig is. Dood betekent verval. Terugval tot stof. Maar geen ontwikkeling, groei of communicatie. Iemand die dood is, doet niets meer.
De dood gaat heersen
Op het moment, dat de dood het voor het zeggen krijgt, verdwijnt elke mogelijkheid om met God te communiceren. Deze toestand heeft elk mens van Adam geërfd. En dat wordt in de volksmond de erfzonde genoemd. Als dode mensen zijn we vijandig tegen alles dat met het leven vanuit God te maken heeft. Dat is onze natuur (geworden). Vandaar dat het voor de mens in eigen kracht onmogelijk is om de weg naar God weer terug te vinden. Want dode mensen hebben geen kracht. Ze zijn krachteloos.
Het punt dat ik echter wil maken is dat we nog steeds niet spreken over een handeling waar straf op staat. Daarnaast kun je alleen maar begrijpen, dat iets verkeerd is, als je ook wordt verteld wat dan goed is. En dat begrip is er niet meer. Het enige dat over is gebleven, is een vaag besef van waar we ooit vandaan zijn gekomen. En gaandeweg raakt ook dat besef uit de mode.
De mensheid is dus in een situatie terechtgekomen, waar men zelf niet meer uit kan ontsnappen. Ten eerste niet omdat men de weg uit de puinhoop niet herkent: al staat men er bij wijze van spreken boven op. Meer ten tweede omdat ieder mens voor zichzelf steeds opnieuw dezelfde keuze maakt als Adam.
De mensheid is dus ten dode opgeschreven. En ze heeft het aan zich zelf te danken. Denkende alle wijsheid in pacht te hebben, zijn ze in de grootste val getrapt die bestaat: men kan niet zonder God, maar ondertussen roept men dat God niet bestaat en een achterhaald begrip is. Het probleem is echter, dat de mens op zichzelf niet kan overleven, want hij is niet gemaakt voor zelfstandigheid. De paradox is echter, dat de mensheid al dood is (zonder de bron van het leven: God) en er dus geen sprake kan zijn van overleven.
Het is goed om de uitzichtloosheid van de situatie in te zien. Als je tot je door laat dringen, dat er geen hoop is in een bestaan zonder God, raak je echter eenvoudig in een chronische depressie. Of je gaat alsnog als een kip zonder kop aan de gang om invulling te geven aan je uitzichtloze leven. Het is dan alsof je de meteoor ziet naderen, die over een paar seconden de hele aarde vernietigt en alsnog in de supermarkt proviand aanschaft om te kunnen overleven.
Hoe nu verder
Is er dan geen hoop meer? Nee, als het aan de mens ligt niet. Die zal niet voor het leven kiezen, al wordt het hem door de strot naar binnen geduwd. Ja, hij zal kiezen voor iets dat op leven lijkt, zolang hij er zelf maar de controle over houdt. Dat is overigens de reden, waarom bepaalde religieuze stromingen zo succesvol zijn: je mag het allemaal zelf doen.
Wat God heeft verzonnen is echter van een totaal ander kaliber: de mens mag helemaal niets zelf doen. Je mag er niet eens over nadenken. Dat klinkt wat vreemd, maar als je ergens over na mag denken, heb je een keuze. Bij God heb je echter geen keuze. Het punt is, dat er al gekozen is, namelijk voor een leven zonder God. Het enige dat overblijft is de erkenning dat de mens het in eigen kracht niet redt. Let op: dit is geen keuze, want het gevolg is passiviteit. Het is vergelijkbaar met iemand die zich bewust wordt, dat hij de verkeerde weg loopt. Hij ziet namelijk de afgrond op zich afkomen. Er is echter geen alternatief, want hij heeft geen flauw idee waar hij dan naar toe moet.
Dit is de situatie van de mens, die doorkrijgt, dat het leven dat hij leidt (of lijdt, zo je wilt) er in feite helemaal niet meer toe doet. Alles dat hij in de loop van de tijd heeft opgebouwd, blijkt te bestaan uit super-vergankelijke zaken. Hetgeen allemaal zo duurzaam leek, toen men nog jong was en het nog nieuw en fris was, blijkt een façade. En de mens wordt moe. Zo verschrikkelijk moe. Je zou kunnen zeggen: dodelijk vermoeid. Tja, hoe kan het ook anders, als blijkt dat je jezelf al die tijd voor het lapje hebt gehouden. Je dacht dat je leefde en werkelijk iets tot stand bracht, maar je blijkt zo dood te zijn als een … Tja, als wat? Laten we zeggen: als een mens die buiten het leven staat, dat alleen maar in de verbinding met God te vinden is.
(Wordt vervolgd)
